vrijdag 17 mei 2019

Domweg gelukkig in de Noorenstraat

Als er een Michiel Noorenstraat (Nederlandse schrijver 1951-), zou komen, ging ik er meteen wonen. Als Leven is niet mijn hobby een doorslaand succes wordt, is een eigen straatnaam trouwens niet uitgesloten. Naar W.F. Hermans zijn in Nederland zeven straten genoemd en naar Harry Mulisch drie. Toen laatstgenoemde in 2002 een Duitse onderscheiding kreeg, bestonden er plannen voor een Mulischstrasse in Berlijn "nicht zu weit vom Führerbunker", zo berichtte Der Standard. Daarvan is echter sindsdien niets meer vernomen. Zelfs als Leben is nicht mein Hobby een bestseller wordt, is de kans op een Noorenstrasse klein. En wanneer Living is not my cup of tea als broodjes over de Britse toonbanken gaat, levert dat geen Britse straatnaam op. Geeft niet: ik ben al blij met een Michiel Noorenstraat. Zelfs een Noorensteeg  zou me al gelukkig maken.


Niet voor iedereen
Om een straat te krijgen, moet je gelezen worden door veel mensen en dat brengt me op de doelgroep van mijn roman. Pumbo, de self publishing-tak van het Centraal Boekhuis, zegt daarover behartenswaardige woorden in zijn gratis e-book. Slechts een kwart van de auteurs denkt na over zijn doelgroep en dan is vaak de conclusie dat “iedereen dit boek zou kunnen lezen”. Volgens Pumbo is dat 1) nooit het geval en 2) heb je geen marketingbudget om iedereen te vertellen dat je boek te koop is.
Zelf had ik lange tijd mijn lezer helder voor ogen. Een begin zestiger, die nog net goed functioneert als bankmedewerker en echtgenoot. Mijn roman vertelt hem welk verval en welke vernedering hem te wachten staan en hoe hij daarmee kan omgaan met een goed resultaat. Dit soort mannen is talrijk genoeg om mij een succesvol schrijver te maken. Leden van de doelgroep geven echter duidelijk aan dat ze geen enkele behoefte hebben aan zo’n somber boek.   
 
Lezende vrouwen
Vrouwen van zestig blijken positiever over Leven is niet mijn hobby en zij lezen meer romans dan mannen. Ik zal er mijn uiterste best voor doen om het boek onder de aandacht te brengen van deze groep potentiële lezers. Even goed is de kans groot dat mijn roman per saldo geld kost en dat ik de lezers in honderdtallen kan tellen. In dat geval  komt er geen Noorenstraat, laat staan een Rue Michel Nooren. Dan is er alleen een mooi boek in de kast met mijn naam erop. Ik zal er tevreden naar kijken.    


Met dank aan Cécile Sanders (research) en Angeline Jansen (eindredactie) 
De simpelste manier om te reageren is via facebook of michiel.nooren@outlook.com. Onder dit blog komt het reactieveld tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Jouw naam komt dan in het reactieveld.

vrijdag 10 mei 2019

Wreed ontwaken uit een heerlijke droom

Vreemd hoe een mens in wonderen blijft geloven, tegen beter weten in. Ik had een alfabetische lijst met uitgeverijen gevonden van 7 pagina’s en was de koning te rijk. Bij het doorwerken van de sectie A kwam ik op Uitgeverij Archipel. Ik klikte op het logo en mijn blik viel meteen op de kloek opgemaakte zin: Succesvolle uitgeverij zoekt auteurs met potentieel. Mijn hart ging sneller kloppen, ook al heette de uitgeverij hier niet meer Archipel maar Novumpublishing en stond er ook een verwijzing naar selfpublishing-platform Boekscout. Daarmee heb ik slechte ervaringen, maar hope springs eternal.
Ideale uitgever
Ik klikte verder en landde op de serieus ogende site van Novumpublishing, dat al sinds 1997 bleek te bestaan. “De meervoudig bekroonde uitgeverij is dé specialist voor beginnende auteurs. Naast  boeken van bekende auteurs, introduceren wij  ook boeken van onbekende auteurs met veel ervaring en expertise op de boekenmarkt”,stond er. Precies wat ik zoek! Over het hoe en wat vertelde de pagina weinig, maar ik kon een nieuwsbrief aanvragen. Bovendien was een auteurstelefoon. Ik bestelde de nieuwsbrief en die kwam onmiddellijk. “Stuur ons vandaag nog uw manuscript op! U krijgt binnen 1–2 weken van ons een beoordeling of een vrijblijvend aanbod voor publicatie. Ik verheug mij op uw manuscript.” Verder was er een link met instructies en links naar de websites van de Duitse, Britse, Amerikaanse, Spaanse en Hongaarse zusteruitgeverijen.
 
 
Verdacht enthousiasme
Het ongebreidelde enthousiasme van deze multinationale uitgever maakte me een beetje wantrouwig. Uitgeven van debuten is een dure hobby, maar nergens in de nieuwsbrief stond iets over afname van een minimum aantal exemplaren of kosten voor redactie en publiciteit. Vreemd voor een “specialist voor beginnende auteurs”. Ik belde de auteurstelefoon voor opheldering, maar er werd niet opgenomen.
Ik ging op zoek naar ervaringen met het bedrijf en vond op Schrijvenonline schokkendeverhalen. “Royalties pas na je 501e boek” vatte iemand het 10-jarige (!) contract samen. “En of je even 3500 euro wil betalen”. Hij heeft niet getekend, maar anderen wel. Zij klagen over hardnekkige fouten in de opmaak, stroperige communicatie en trage betaling. Terwijl ik dit las, hoorde ik geluid als van brekend glas. Het was mijn droom die in scherven viel.
Volgende week meer over mijn onderzoek van de uitgeverslijst.   


Met dank aan Cécile Sanders (research) en Angeline Jansen (eindredactie) 
De simpelste manier om te reageren is via facebook of michiel.nooren@outlook.com. Onder dit blog komt het reactieveld tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Jouw naam komt dan in het reactieveld.

vrijdag 3 mei 2019

Hoofdstuklengte boeit de lezer nauwelijks

Bij vakanties zit je vaak al in de auto, met lopende motor, gordels om, en dan ontdek je dat je iets vergeten bent. Je mobieloplader, een handig mesje, het boek dat je nu eindelijk rustig wilde lezen. Je komt dan tot een full stop. Dat gevoel bekroop me toen de opmerking me te binnen schoot over de grillige hoofdstukindeling van mijn roman. Dit was een van de observaties van de meelezers die ik heb laten liggen. Nu, bij het verzendklaar maken van de roman, moet ik er een besluit over nemen. Het kortste hoofdstuk telt vier pagina’s, het langste 21. Alle hoofdstukken hebben titels.
Katten en robots
Een schrijvende vriend maakt vooraf een exacte indeling van zijn romans. Van alle hoofdstukken en subhoofdstukken staan aantal en lengte vooraf vast. De inhoud wordt over deze structuur verspreid. Maar weinig schrijvers werken zo planmatig, blijkt uit mijn studie van een selectie succesboeken. Het dichtst in de buurt komt Takashi Hiraide: De kat (2001) met 29 naamloze hoofdstukken op 156 pagina’s, alle evenwichtig van een handvol bladzijden. Regelmatig is ook de hoofdstuklengte van mijn nieuwste aanwinst, Ian McEwan: Machines like me (2019) over een driehoeksverhouding van een man, zijn mannelijke robot en een vrouw, maar de hoofdstukken zijn met sterretjes onderverdeeld in scènes, die soms 3 pagina’s tellen en soms 16
.

Rosenbooms grillen
Uiteenlopend is de hoofdstuklengte van Thomas Rosenboom: Publieke werken (1999). Hij verdeelt zijn 488 pagina’s over 22 hoofdstukken plus een pro- en een epiloog. Zijn kortste hoofdstuk telt slechts 9 pagina’s, zijn langste 42. Hé, dat lijkt op mijn boek. Ook zijn onderverdeling met *** is grillig.
Ongeveer dezelfde omvang maar twee keer zoveel hoofdstukken heeft Stendhal: Le rouge et le Noir (1830). Ook hier is de indeling kwantitatief gezien willekeurig. Het kortste chapitre is slechts 3 pagina’s, het langste 15. Kennelijk bevind ik mij in goed gezelschap. Beide genoemde meesterwerken hebben trouwens hoofdstukken met namen, zoals mijn manuscript.

Plattelandsgeneugten
Rosenbooms boek heeft zijn 37-ste druk bereikt, Rood en zwart is na 189 jaar nog steeds te koop, De kat is sinds 1915 tien keer herdrukt. Het is nog te vroeg om te zien of Machines like me net zo’n kraker wordt, maar de voortekenen zijn gunstig. Er lijkt geen relatie te bestaan tussen succes en hoofdstukbeleid. Mijn research-adviseur heeft waarschijnlijk gelijk als ze zegt: “besteed geen tijd aan die uiteenlopende hoofdstuklengtes, dat doet er niet toe.”
Of hoofdstukken titels dragen, maakt kennelijk ook weinig uit. Stendhal voert zijn lezers echter zo sfeervol langs hoofdstuktitels als Une petite ville, Un père et un fils en Les plaisirs de la campagne, dat ik aan de hoofdstuklengte weinig tijd meer zal besteden. De hoofdstuknamen, daar ga ik uitgebreid voor zitten.


Met dank aan Cécile Sanders (research) en Angeline Jansen (eindredactie) 
De simpelste manier om te reageren is via facebook of michiel.nooren@outlook.com. Onder dit blog komt het reactieveld tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Jouw naam komt dan in het reactieveld.

vrijdag 26 april 2019

Schrijven is een hobby en kost dus geld

Officiële uitgevers zorgen voor productie, marketing en distributie. Door hun lidmaatschap van het Centraal Boekhuis (CB) kunnen zij mijn boek binnen enkele dagen laten bezorgen bij 1500 boekhandels.
Het boekenvak is in Nederland strak georganiseerd. De Vereniging ter bevordering van de belangen des Boekhandels (VbbB) houdt de touwtjes strak in handen. Alle boekhandels, ook die via internet, zijn gebonden aan een vastgestelde verkoopprijs. Dit verbod op prijsconcurrentie is in de wet vastgelegd.
In andere bedrijfstakken kunnen grote, efficiënte retailers klanten trekken met goedkope aanbiedingen. In de boekensector mogen ze dat niet, vandaar dat er (nog steeds) zoveel lokale boekhandels bestaan. Die kunnen een compleet assortiment bieden, dankzij het CB. De Vereniging heeft dit in 1871 opgericht als Bestelhuis voor den Nederlandschen Boekhandel. Het heeft sindsdien zijn activiteiten uitgebreid en distribueert nu medische artikelen zoals infuuszakjes, injectienaalden en dieetvoeding.

Kleinschalige CB-optie
Mijn researcher wees me op een andere nieuwe CB-activiteit: self publishing. Volgens haar zou dat een interessante optie kunnen zijn voor Leven is niet mijn hobby. Zij berekende met de CB-module dat een boek van 250 pagina’s in een oplage van 200 ongeveer een tientje zou kosten. De roman komt vanzelf in het CB-assortiment en is dan op 1500 plekken te koop.
Vanzelf, maar niet gratis. Onder het Pumbo-contract voor boeken met kleine oplages betaal je voor opslag 160 euro per jaar. Voor de uitlevering rekent het CB 2,06 per boek. Over deze kosten moet je btw betalen – en over de prijs waartegen je het boek aan de boekhandel levert. Ik ga ervan uit dat ik deze btw niet terugkrijg, tenzij ik een eigen bedrijf start.

Rode cijfers
Als je in een boekwinkel de prijzen bekijkt, lijkt het simpel om aan een roman geld over te houden. Voor een roman van 250 pagina’s is 20 euro normaal. Daarvan krijgt de  boekhandelaar echter 7,70 euro (42% van de verkoopprijs exclusief 9 % btw) en de belastingdienst 1,65 euro. Resteert 10,65 euro. Bij productiekosten van een tientje zou dat 65 cent per boek opleveren. Dat is volstrekt onvoldoende om de CB-kosten uit te betalen, die exclusief btw 2,86 euro per boek bedragen.
In deze verkennende berekening zou verkoop van 200 exemplaren van mijn roman mij 442 euro kosten, los van publiciteitsuitgaven en btw op de CB-handling. Als 200 mensen ieder 20 euro neertellen om mijn verhaal te lezen, vind ik schrijven een erg leuke hobby. Een die geld kóst, maar dat is bij alle hobby’s zo.

Met dank aan Cécile Sanders (research) en Angeline Jansen (eindredactie
)  

De simpelste manier om te reageren is via facebook of michiel.nooren@outlook.com. Onder dit blog komt het reactieveld tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Jouw naam komt dan in het reactieveld.

vrijdag 19 april 2019

Te grijs wordt Leven is niet mijn hobby

Net vóór mijn 68-ste verjaardag vond ik een boektitel waarmee ik bij de uitgevers durf aan te komen. Te grijs was een goede werktitel. Ze beschrijft het verhaal: hoofdpersoon Diederik worstelt met het ouder worden en vind zichzelf grijs, te grijs zelfs. Hij werkt op de communicatieafdeling van een bank waar de normen en de logica van het gewone leven met voeten getreden worden: te grijs, te gek voor woorden. De wervende kracht van de oude titel is echter gering.

Vol liefde
Tot lering en vermaak van de lezer zal ik vertellen hoe een zoektocht van vier jaar zo plotseling resultaat had. Afgelopen winter zei een dichtende vriend tegen mij: “ik zou de titel ín het verhaal zoeken”. Een van zijn homo-erotische dichtbundels heet Een mond vol liefde   wat ik geen smakelijke naam vind, maar wel een die de aandacht van een uitgever trekt. Pas deze week leverde het advies een doorbraak op in mijn denken. Ik had in de boekwisselkast bij De Correspondent een omnibus gevonden van J.M. Simmel. Het boek lag de volgende ochtend naast mijn bed en mijn vrouw pakte het op en las hardop de Nederlandse titels van eerder vertaalde romans van de Oostenrijkse bestsellerauteur: Het antwoord kent alleen de wind, Je mag niet huilen, Niemand is een eiland. “Een boektitel kan ook een zin zijn,” concludeerde ze en zette me zo op een nieuw spoor.     
Ontbijt op bed
Terwijl ik de boterhammen uit de keuken haalde kwam de nieuwe titel tot me: Leven is niet mijn hobby. Mijn hoofdpersoon Diederik zegt dit op het zwarte strand van La Gomera, als zijn vrouw Claudia klaagt over zijn continue somberheid en negativiteit. Uit die constatering van haar man trekt Claudia haar conclusie en gaat bij hem weg.
Ik gaf mijn vrouw haar bordje en ging naast haar liggen met het mijne. Ik zweeg over mijn vondst, ik was onzeker en durfde niet te geloven dat ik eindelijk beet had. Pas laat in de middag noemde ik de titel, die een enthousiast onthaal kreeg.    


Clownstranen     
Twee dagen later, op witte donderdag, was ik jarig en dacht na over mijn leven en dat van Johannes Mario Simmel (1924-2009). Hij schreef naast zijn journalistieke werk en zijn filmscenario’s 35 romans (zie foto) waarvan er tot nu toe 83 miljoen verkocht zijn in 30 talen. Had ik Simmel willen zijn, die tot zijn 63-ste als Trivialautor werd weggezet, als Bestseller-Mechaniker, als Fließbandschreiber? Ja, absoluut. Zelfs zonder Simmels upgrade tot serieus schrijver na de publicatie van Doch mit den Clowns kamen die Tränen (1987). Gelezen worden, mensen vermaken, dat is het leukste wat er is.          

De simpelste manier om te reageren is via facebook of michiel.nooren@outlook.com. Onder dit blog komt het reactieveld tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Jouw naam komt dan in het reactieveld.

vrijdag 12 april 2019

Weersta de zoete lokroep van Boekscout

Er kan bij self publishing veel mis gaan, zo bedacht ik tijdens mijn ochtendlijke fietstochtje met de forenzen. Ik werd zelfs opnieuw boos op Boekscout, hoewel mijn ervaringen daarmee dateren van 2012. In dat jaar verscheen bij Boekscout In de schaduw van de Wolkenkrabber, de literaire thriller van Cécile Sanders en ondergetekende. Boekscout afficheerde zichzelf als laagdrempelige, maar professionele uitgever en doet dat nog steeds. Kwalitatief de evenknie van Querido, Luitingh Sijthoff en Nieuw Amsterdam. Dat circuit had In de schaduw al afgewezen, dus Boekscout was een uitkomst voor ons.          


Balsem voor de ziel
Boekscout kent zijn pappenheimers. Zijn lokroep staat in schril contrast tot de kille toon van de grote uitgevers. “Bij ons kun je met je boek altijd terecht,” verzekert Boekscout de wanhopige auteur, die vreest dat al zijn werk voor niets is geweest. “Je krijgt bij ons de erkenning die je verdient. De kans dat we je manuscript voor onze uitgeverij accepteren is in de praktijk bijzonder groot.” Vooral die laatste zin is sterk, want hij betekent dat Boekscout bepaalde kwaliteitsnormen hanteert. De elders miskende auteur is dus toch een beetje een uitverkorene. Extra reden om zich te koesteren in de balsem voor zijn schraal geworden

artiestenziel.   
Onprofessioneel en onwillig
“Professioneel en zonder kosten,” luidt het motto van Boekscout. Mijn ervaring is dat het bedrijf die beloftes geen van beide nakomt. In ons eerste exemplaar waren titel en auteursnaam op het omslag onleesbaar. Die fout is op ons verzoek kosteloos hersteld. Vervolgens bleken er spelfouten in de tekst te staan. Die zijn verbeterd, maar in de gekuiste versie ontdekten we nieuwe fouten. Voor deze tweede correctieronde bracht Boekscout 35 euro in rekening. Tot onze irritatie stonden in deze editie weer fouten, kennelijk veroorzaakt door hun correctie- en afbreekprogramma. We boden aan om zelf een drukklaar document aan te leveren, maar dat wilde Boekscout niet, het was kennelijk hun eer te na. Er zat weinig anders op dan de typo’s te accepteren.   


Ruzie met de boekhandel     
Mensen kopen alleen een boek als ze weten dat het bestaat. Boekscout leverde als promotiemateriaal een digitaal folderblad dat we aan onze vrienden en bekenden verstuurden. Die mail leverde zo’n twintig verkopen op in de webshop van onze uitgever. In de boekhandel was het boek niet te koop, wegens een conflict met Boekscout. Dat rekende te hoge inkoopprijzen, zodat de boekwinkels niet aan de gebruikelijke 40% marge kwamen. Uiteindelijk hebben we boeken in consignatie gegeven bij de boekhandel in de Amsterdamse Rivierenbuurt, waar het verhaal zich afspeelt. Tot we uit ergernis het contract met Boekscout opzegden, is het daar prima verkocht. De boekhandel heeft op de honderd verkochte exemplaren ook uitstekend verdiend. Wij hebben er geen cent aan overgehouden. Het is mogelijk dat Boekscout zijn leven gebeterd heeft, al wijzen de klachten op schrijvenonline daar niet op. Ik zal in ieder geval niet meer met hen in zee gaan. Liever met Van Gennep, waar ik nog niks van gehoord heb.      

De simpelste manier om te reageren is via facebook of michiel.nooren@outlook.com. Onder dit blog komt het reactieveld tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Jouw naam komt dan in het reactieveld.

vrijdag 5 april 2019

Duidelijkheid wanneer de bladeren vallen

Het einde van mijn romanproject is in zicht, for better of for worse. Tijd dus om de laatste bezigheden te plannen. Hoewel gewend aan schrijven met een deadline, kan ik mijn vrije schrijverij moeilijk in een tijdschema passen. In mijn eerste blog, op 29 mei 2015 voorspelde ik dat de tekst klaar zou zijn “als de bladeren van 2016 vallen”. Een vriend van mij vond die planning van een wild optimisme.
Nu, in april 2019, kan ik hem alleen maar gelijk geven. Het creatieve proces bleek onbeheersbaar en tergend traag. Ik had dat nooit verwacht. Misschien was dat mijn geluk. Zoals een ondernemer die ik interviewde zei: “Als je alles tevoren weet, doe je natuurlijk niks.’’ Inderdaad: met voorkennis had ik dit boek over een mens zoals ik niet geschreven.         



Eind mei
Puur omdat ik graag dingen afmaak, heb ik mijn verhaal voltooid en ik ben er trots op. Ik moet nog wat schuiven met scènes en dan is de tekst klaar voor verzending. Laat ik daar de meest sombere planning op los laten en eind mei als datum nemen voor een brede verzending aan geschikte uitgevers. Die nemen drie maanden de tijd, dus juni, juli en augustus. Per 1 september weet ik of Te grijs professioneel wordt uitgegeven. Gezien het minimale budget dat uitgevers hebben voor debuten, is de kans daarop gering. Toch wil ik het proberen, omdat je nooit weet of een koe een haas vangt.    


Plan B
In de situatie die ik boven schetste, is het wél verstandig om een Plan B te hebben. Ik zal dan ook uitzoeken wat de mogelijkheden zijn voor self publishing, dus zelf een papieren boek en een e-book maken of laten maken. Na deze inventarisatie moet ik onderzoeken hoe ik mijn boek aan de man kan brengen. Op dit moment komen de bladeren schuchter groen uit. Tegen de tijd dat ze bont kleurend van de bomen vallen, weet ik of een ander mijn roman gaat uitgeven. Zo niet, dan doe ik het zelf. Tegen die tijd ben ik daar klaar voor.   

De simpelste manier om te reageren is via facebook of michiel.nooren@outlook.com. Onder dit blog komt het reactieveld tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Jouw naam komt dan in het reactieveld.

vrijdag 29 maart 2019

Telefoondromen, haast en andere valkuilen

Het creatieve proces slingert je heen en weer tussen donkere verslagenheid en hoop op een wonder. Beide extremen probeer ik te vermijden. Meestal lukt dat zo goed, dat ik mijzelf beschouw als evenwichtig. Emotionele uitwassen komen daarom als een verwarrende verrassing. Zo ging afgelopen maandag de telefoon en een onredelijke vreugde overspoelde me. Het moest Van Gennep zijn, die mijn roman geweldig vond en andere gretige uitgevers de pas wilde afsnijden.
Uiteraard was het niet de uitgever, maar de herinnering is volkomen realistisch. Pas sinds een paar dagen besef ik dat het telefoontje nooit heeft plaatsgevonden. Ik herinner me namelijk dat het gesprek binnenkwam op de vaste telefoon in Nederland, terwijl ik direct na het versturen van de mail aan Van Gennep naar Zwitserland ben gekard. Het telefoontje was een droom, maar mijn wilde optimisme was echt.        


Noodgedwongen lui
Ik was overigens heel ontspannen in Zwitserland, “dromerig”, zei mijn vrouw vertederd. Ook al kost het nog wat werk om het manuscript verzendklaar te maken, de scheppende fase heb ik afgerond. Pas door de ontspanning besef ik hoe gespannen ik de afgelopen jaren ben geweest. Een van de grote oorzaken daarvan is deprimerende onmacht. Ik werk ‘s ochtends een paar uur en dat is het. Langer moet ik niet achter de pc zitten, want dan ga ik twijfelen en klungelen. Het nadenken gebeurt onbewust. Werken is optikken wat in mijn geest is ontstaan. Herschrijven doe ik zelden. Toch heb ik een substantiële roman geproduceerd, zeggen de meelezers. Mijn grootste valkuil is ongeduldig doorwerken. Ik ben een luie schrijver en moet daarvan genieten. Dat is heel moeilijk, want ik ben ongeduldig van aard.  
Waarom ook weer
Een andere valkuil is leegte-angst. Ooit is het werk gedaan en wat dan? Voor een belangrijk deel hangt dat af van het doel van mijn romanproject. Als ik geen uitgever vind en in eigen beheer met moeite 200 boeken verkoop, zal ik dan blij zijn, of is het project dan mislukt? Misschien word ik zo gelukkig van het schrijven zelf en het hele groepsproces met de meelezers, dat ik dan opgewekt aan een nieuw boek begin. Ik weet het niet.
Alleen als Te grijs een succes is, hoef ik me geen zorgen te maken over een zwart gat. Dan zal de uitgever zo aandringen op een opvolger dat ik niet kan weigeren. Eind van dit jaar weet ik of die droom is uitgekomen.

Met dank aan Cécile Sanders en Angeline Jansen

De simpelste manier om te reageren is via facebook of
michiel.nooren@outlook.com. Onder dit blog komt het reactieveld tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Jouw naam komt dan in het reactieveld.

donderdag 21 maart 2019

De brief is uit en ik ben in de race

Ondanks de toenemende stress heb ik toch een stevige synopsis geschreven. Vervolgens heb ik hoofdstuk 2 gekozen waarin Diederik kennismaakt met de PR-afdeling van de bank en snel gedesoriënteerd raakt. Dit alles heb ik zojuist gemaild naar het manuscriptenadres van Uitgeverij van Gennep. Een zware last viel van me af. Hoera, ik ben in de race! Een lange race. Pas als ik in juni niks gehoord heb, weet ik dat Van Gennep mijn roman heeft afgewezen. Tegen die tijd hoop ik meer potjes op het vuur te hebben. Nu kan ik onbezorgd op reis. Voor geïnteresseerden volgt hieronder de synopsis.

 
Synopsis van Te grijs
“Tijdens het doortrekken registreren Diederiks ogen een streepje rood in de pot”. Daarmee begint het verhaal van een 60-plusser wiens leven in vrije val raakt na een overplaatsing op zijn werk. Tot dat moment is hij een man die zijn leven goed voor elkaar heeft. Zijn nieuwe baan ziet hij als een kans om zijn kennis en ervaring op een andere plek in te zetten. De aanvaringen met zijn vrouw Claudia doet hij af als incidenten binnen een overigens goed huwelijk. En de tekenen van darmkanker ontkent hij: “Het zullen de bietjes van gisteren zijn”.

Zijn nieuwe baan op de afdeling communicatie zet Diederiks wereld op zijn kop. Jonge vrouwen die zijn dochter kunnen zijn, geven hem inhoudsloze of dubieuze opdrachten. Hij maakt voortdurend technische blunders en zijn werkplek wisselt met de dag. Terwijl de externe media laten zien hoe de bank naar de ondergang snelt, verzint hij positief nepnieuws. Dat verhindert hem niet om ook mee te werken aan een campagne voor versterking van het morele besef in het bedrijf.

In zijn slaapkamer thuis komt een extra breed bed omdat zijn echtgenote niet meer tegen hem aan wil liggen. Verder nemen door ziekte in zijn vriendenkring de zorgen over zijn gezondheid panische vormen aan. Hij zou al zijn angsten eruit willen gooien, maar daar zit niemand op te wachten.

Op het zwarte strand van een vakantie-eiland komt het hoge woord eruit: “Leven is niet mijn hobby”. Dat heeft Claudia intussen wel gemerkt. Ze vertrekt voor een huwelijkspauze naar een vriendin. Deze woont vlakbij, maar winkelt in een andere straat. Op de bank overleeft Diederik ternauwernood de voortdurende reorganisaties. In zijn lege huis maakt hij de balans op van zijn leven en concludeert gelaten: “Ik hoor er niet te zijn”.

Later, tijdens een wandeling op de mistige pier van IJmuiden, komt hij in opstand en schreeuwt: “Ik eis zinvol werk, ik eis een goed huwelijk. Ik eis geluk verdomme!”
Aan deze eisen wordt slechts ten dele voldaan. Hij wordt verleid door een jonge collega, maar hoort meteen daarna dat de bank failliet is en iedereen op straat staat. En als hij eindelijk naar de dokter gaat wegens zijn bizarre stofwisseling, blijkt hij inderdaad kanker te hebben. Hij aarzelt of hij Claudia zal bellen, maar die heeft via hun zoon het slechte nieuws al gehoord en belt zelf: “Ik heb mijn koffers gepakt en kom eraan. Als jij door de hel moet, ga ik met je mee.”

De simpelste manier om te reageren is via facebook of michiel.nooren@outlook.com. Onder dit blog komt het reactieveld tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Jouw naam komt dan in het reactieveld.

vrijdag 15 maart 2019

Dat is hem dan: De Brief

Sinds ik werk aan mijn eerste brief aan een potentiële uitgever van Te grijs, slaap ik onrustig. De brief moet staan als  een huis, zei iemand die nauw betrokken is bij het romanproject. Een hoge eis. Of ik er aan voldaan heb, kan ik niet meer beoordelen. Hij is compact en geeft in drie minuten leestijd een beeld van mijn verhaal en van mijzelf. Ik hoop dat de lezer tot hetzelfde positieve oordeel komt. Ik hoor het graag.  


Geachte redacteur,
Mijn tragikomische roman Te grijs (werktitel) beschrijft hoe een zestiger onverwacht overvallen wordt door de ouderdom. Tegen de absurde achtergrond van een op drift geraakte bank zien we onze Diederik worstelen met moderne technologie, gezondheidsproblemen en sleetsheid van zijn huwelijk. Uiteindelijk verliest hij zijn baan en wordt gediagnosticeerd met kanker, maar herwint het vertrouwen in zichzelf. Zijn vrouw komt na een korte afwezigheid bij hem terug, want “als jij door de hel moet, ga ik met je mee”.
Als voormalig financieel journalist en communicatiemedewerker bij een bank ken ik de financiële sector. Gelijkenis van de fictieve B-bank met bestaande ondernemingen is opzettelijk, maar zal geen juridische consequenties hebben. Wat de belevingswereld van oudere mannen betreft, ben ik (geb. 1951) ook een ervaringsdeskundige. Over een breed front wordt je leven moeilijker, een situatie die treffend beschreven wordt op de eerste pagina’s van jullie recente boek Lastige zaken van Trudeke Sillevis Smit.

Bij deze mail vindt u een synopsis en een kenmerkend fragment van de roman. Als u mijn roman geschikt vindt voor uw fonds, werk ik graag mee aan promotionele activiteiten. Ik ben een vlotte prater en hoor graag andermans opvattingen over mijn werk. Over de lange weg van idee naar boek doe ik wekelijks verslag in het blog michielsroman. 
Michiel Nooren
020-6647233
06-75809457


Dat was hem dan, De Brief. Nu nog de synopsis en het fragment. Daar ga ik volgende week aan werken en insjallah, kan ik donderdag Van Gennep de mail met bijlages sturen en de dag daarop over de autobanen naar Bazel te cruisen, waar mijn dochter woont die ik lang niet gezien heb.

De simpelste manier om te reageren is via facebook of michiel.nooren@outlook.com. Onder dit blog komt het reactieveld tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Jouw naam komt dan in het reactieveld.

vrijdag 8 maart 2019

Uitgevers willen promotionele kracht

Als ik een leuke vrouw was, zou ik nu bedenken hoe ik dat subtiel in mijn mail aan de uitgevers zou zetten. Ik mag immers nog zo’n meesterwerk insturen, het zal zichzelf niet verkopen. Het publiek moet weten dat het boek bestaat en er een positief gevoel bij hebben. Met een aantrekkelijke schrijfster kunnen uitgevers dit gemakkelijker bereiken dan met een auteur op leeftijd zoals ondergetekende, zeker als ze gebruik maken van posterborden. Ik moet de uitgever dus ervan overtuigen dat mijn promotionele kracht ondanks deze handicap aanzienlijk is.

Presentatie van In de schaduw van de Wolkenkrabber met v.l.n.r.
Cécile Sanders, boekhandelaar Gert Jan Jimmink en Michiel Nooren.


Zonder blozen
Door mijn jaren in de journalistiek ben ik mijn verlegenheid grotendeels kwijtgeraakt. Ik ga bijvoorbeeld voor in de bioscoopzaal staan en kijk zonder blozen de rijen langs op zoek naar bekenden. Op mijn jaarlijkse zangavondjes zing ik voor en speel schaamteloos slecht gitaar. Wat relevanter is voor een uitgever: ik ben een vlotte prater, lees graag voor uit eigen werk en heb geen moeite met een kritische discussie. Dit laatste is behalve voor de promotie ook belangrijk voor de acceptatie. Het betekent dat ik niet emotioneel reageer op redactionele adviezen, flapteksten of subtitels.

Altijd maar schrijven
Uiteraard moet ik een idee geven van mijn werkzame leven en mijn schrijfervaring. Die vallen bijna helemaal samen. Ik heb twee jaar in de wetenschap gewerkt en daarna geschreven voor kranten, de radio en een bank. Verder heb ik (zie blog 1) met een coauteur een geschiedenis van Scheveningen geproduceerd en een literaire thriller. De eerste is uitgegeven door Unieboek, de tweede door selfpublish platform Boekscout. Verder heb ik diverse artikelen geschreven over de geschiedenis van Den Haag en recentelijk over mijn wandeltocht naar Santiago. Bovenstaande informatie en mijn personalia wil ik een korte mail persen. Gelukkig heb ik een hele week om te bedenken hoe ik dat ga doen.

De simpelste manier om te reageren is via facebook of michiel.nooren@outlook.com. Onder dit blog komt het reactieveld tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Jouw naam komt dan in het reactieveld.

vrijdag 1 maart 2019

Uitzien naar een omslag van Koppernikaanse schoonheid

Hoe zal het omslag van mijn roman er uitzien? Ik dacht daar deze week voor het eerst aan, na een digitaal bezoek aan de jonge, kleine uitgeverij Koppernik. Wat een sobere schoonheid zag ik daar! De titel Negen raven wordt op het omslag aangeduid met een stukje van een ravenvleugel. Het zakboekje en het pijnboombos wordt gereduceerd tot twee dennennaalden. Op de kaft van De rover staat een vrouw met een pistool, maar dat wapen zie je pas in tweede instantie. Onderkoeld en mooi, dat zijn die omslagen. Ik zou Te grijs door Koppernik laten uitgeven, puur vanwege het ongetwijfeld verrassende en wondermooie omslag.

 
Niet commercieel
Commercieel is Koppernik niet, want “onze enige doelstelling is boeken uitgeven die we zelf mooi vinden”. Bij de auteurs staan namen van bestsellerschrijvers, maar van Cees Nooteboom is het enige boek het onbekende Karl Blosfeldt en het oog van Allah. Vladimir Nabokov, beroemd van Lolita, staat op de fondsenlijst alleen met zijn Collected poems.
Ook de titels zijn apart. De roman van Wessel te Gussinklo heet de De hoogstapelaar, een Germanisme dat puur lijkt gekozen omdat het een mooi woord is.
Het is duidelijk dat Koppernik mijn boek behalve een originele kaft ook een verrassende titel zou geven. Of Te grijs een kans maakt is onduidelijk. Koppernik heeft vooral interesse in “afwijkende manuscripten, met risico geschreven”. Ik vrees dat mijn roman voor hen te conventioneel is, maar de schoonheid van hun boeken maakt opsturen van het manuscript zeker aantrekkelijk.


King en Brown
Van de eigenzinnige Koppernik gaan we over naar twee grote mainstream-uitgevers, Luithing-Sijthoff en Uitgeefhuis Nieuw Amsterdam. Bij Luithing zijn manuscripten (als worddoc) “van harte welkom.” Wel raadt de uitgever auteurs aan om eerst te kijken of hun werk in het fonds past. Dat vereist zelfvertrouwen, want je vergelijkt jezelf met internationale verkoopkanonnen als Dan Brown, Stephen King, John le Carré en Danielle Steel. De Nederlandse auteurs zijn minder bekend, al won Lisette Jonkman met Glazuur de Chicklit-schrijfwedstrijd.
Bij Nieuw Amsterdam vind je onder de tab manuscripten een oproep: “Word ook auteur van Nieuw Amsterdam”. Dat wil ik wat graag, collega worden van Michael Ondaatje en Maarten van Rossem. Ik zal zeker mijn manuscript uitprinten en opsturen, met een synopsis en een biografie. Over die biografie ga ik de komende week nadenken.  

De simpelste manier om te reageren is via facebook of michiel.nooren@outlook.com. Onder dit blog komt het reactieveld tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL:
www.mn.nl. Jouw naam komt dan in het reactieveld.

vrijdag 22 februari 2019

Uitgeef-queste voert naar echte liefhebber

Mijn zoektocht door uitgeversland leidt soms tot momenten van vreugdevolle ontroering. Als oudere en als schrijver ben ik natuurlijk een liefhebber van Het Boek. Zo geniet ik langdurig van de bonte collectie op boekenmarkten met obscure werkjes van eeuwen her. Hun fraaie titelpagina is versleten en ooit overgeplakt met donker papier of oud behang. De pagina’s zacht als textiel en de letters roetzwart ingedrukt. Allemaal zijn het dragers van informatie die iemand belangrijk vond om vast te leggen. Ooit waren het actuele publicaties waarmee geld werd verdiend. Nu zijn het vooral werkstukken van mensen die hielden van hun ambacht.


Uit donker Rotterdam
De meeste tegenwoordige uitgevers zijn weinig meer dan merknamen van verkoopmaatschappijen die overleven door de verkoop van bewezen bestsellers. Mijn vreugde was daarom groot toen ik Uitgeverij Ad. Donker tegenkwam, een familiebedrijf dat pronkt met negen edities van De kleine Prins en to date zestien lijvige boeken met de correspondentie van Erasmus. Die is geboren in Rotterdam en daar is Donker gevestigd.
Het fonds bestaat vooral uit vaak esotere non fictie. Donker zelf claimt ook geen samenhangend beleid. “Nu ik het titelaanbod beschouw, vind ik ons fonds zo gek nog niet,” schrijf hij op de website. Manuscripten zijn “van harte welkom, mits getypt en aangeleverd op losse vellen A4”. Een sympathiek bedrijf, waar ik graag mijn roman zou laten uitgeven, ook al is het niet gericht op bestsellers.

Crême de la crime
Op mijn weeklijst stonden verder Brandt, Conserve, De Crime Compagnie, Van Gennep Amsterdam en Uitgeverij De Geus.
De Crime Compagnie met zijn Crême de la crime valt af. Te grijs gaat over misleiding en bedrog, maar is geen crimi.
Brandt richt zich met non fictie over Cruyff, Ronaldo en U2 op een breed publiek. Manuscripten zijn welkom, ook romans.
Van Gennep heeft ook weinig fictie, maar is “natuurlijk altijd op zoek naar nieuw uit te geven werk”. Zij hebben een praktische oplossing om aan de kostbare selectie van manuscripten te ontkomen. Ze bekijken eerst je cv en een synopsis of inhoudsopgave van het boek. Dat is het proberen waard.
Conserve en De Geus zijn overgenomen door SingelUitgeverijen, waar ook Nijgh & Van Ditmar, Querido, De Arbeiderspers en Atheneum onderdak vonden. Deze toonaangevende romanuitgevers hoef ik niet meer te benaderen, want “Singel Uitgeverijen heeft ervoor gekozen geen ongevraagde manuscriptinzendingen meer aan te nemen.” Kennelijk hebben ze het beoordelen van debuten uitbesteed.

Het bedrijf verwijst naar Brave New Books. Dat is een “self-publishingplatform, dat jou in staat stelt snel, eenvoudig en kosteloos je boek en/of ebook te publiceren”. Maar dat werk wil ik nu juist uitbesteden.

Het reactieveld onder dit blog komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Jouw naam komt dan in het reactieveld. Het gemakkelijkste is te reageren op facebook of te malen naar michiel.nooren@outlook.com

vrijdag 15 februari 2019

Miljonairs en debutanten lachen zelden

“Millionaires seldom smile,” constateerde de Amerikaanse staalmagnaat Andrew Carnegie (1835-1919). Hetzelfde geldt voor debutanten die een uitgever zoeken voor hun dierbare roman. Ongemanierdheid en arrogantie zijn gebruikelijk in de branche, die hongert naar meesterwerken, maar bedolven wordt onder manuscripten. Neem een literair agent, adviseert Paul Sebes in Bestseller. Wat iedere beginnende schrijver moet weten (2008). De flaptekst laat er geen twijfel over bestaan wie die agent moet zijn, namelijk “de succesvolste van Nederland, Paul Sebes.”
Je kunt hem ongevraagd een manuscript sturen en dat legt hij dan op de “bijna omvallende” stapel, verachtelijk de slush pile genoemd. Het is duidelijk dat je tekst een waardigere behandeling krijgt als je hem instuurt met het verzoek om een leesverslag. Daarvoor betaal je Sebes voor 100 pagina’s 675 euro. Dan zit je nog niet in zijn portefeuille, maar mag je aannemen dat je werk wordt gelezen.



Lachen om jezelf
Gevoel voor humor heeft Sebes zeker, zoals blijkt uit zijn voorbeelden van brieven waarmee auteurs hun manuscript onder de aandacht brengen. Toen ik uitgelachen was, besefte ik echter dat ik me vrolijk maakte over mensen zoals ikzelf. Ik bekeek de quotes nogmaals, nu als zelftest.
En daarom heb ik na lang nadenken U uitverkoren om mijn Agent te mogen worden.
Ik zou dit nooit durven schrijven. De stijl is oubollig en het zelfvertrouwen van de inzender wekt irritatie op. Alsof de grote Sebes op zijn verhaal zit te wachten! In mijn geval zou ik dat stiekem heel terecht vinden, maar nooit laten blijken.


Zwakke pitch
Ook de volgende inzender verdient geen stijlprijs.  
Misschien denkt u wat bedoelt die mevrouw precies met die opmerking, maar dat wil alleen maar zeggen dat u het echt moet geloven dat het waar is.
Het gevoel dat de schrijfster uitdrukt, zal iedereen die schrijft, herkennen. Als een lezer een zin niet begrijpt, zeg je al snel: “lees precies wat er staat, zo is het echt gebeurd.”
Grappig maar herkenbaar is ook dit citaat:
Misschien is het toch niks voor u maar het is volgens mij best aardig geschreven dus ik dacht toch: niet geschoten is altijd mis.
Deze auteur heeft een zwakke pitch, maar kan een ijzersterk boek hebben geschreven.
Misschien één van de honderd debuten wordt gepubliceerd. Het is logisch dat een inzender zich voorbereidt op een afwijzing. J.R.R.Tolkien en J.K. Rowlings zullen na de tiende afwijzing ook aan hun meesterwerken zijn gaan twijfelen. Ten onrechte. Van Lord of the rings werden tot nu toe 150 miljoen exemplaren verkocht, van het debuut Harry Potter and the Philosopher's Stone 120 miljoen. Waarschijnlijk lachen ook uitgevers zelden.
Met dank aan Cécile Sanders (research) en Angeline Jansen (eindredactie)

Het reactieveld onder dit blog komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Jouw naam komt dan in het reactieveld. Je kunt me natuurlijk mailen op michiel.nooren@outlook.com

vrijdag 8 februari 2019

Juist grote klussen ontspannen aanpakken

De grootste uitdaging bij het schrijven is voor mij om het licht te houden. Mijn roman gaat de planeet immers niet redden; het klimaatvraagstuk komt zelfs niet ter sprake. Evenmin zal het verhaal de ogen van het publiek openen voor de absurditeiten in het bankwezen, die uitgebreid aan de orde komen. Het schrijven van dit boek is allereerst een hobby, zoals hardlopen of yoga. Bij het hollen sleep ik me bij tijden amechtig voort, naar lucht happend als een vis op het droge. Tijdens de yoga-oefeningen krijg ik loodzware armen die ik met mijn laatste krachten hoog houd tot de leraar zegt dat ik ze mag laten zakken. Bij een hobby hoort stress, maar met mate. 


Kwetsbare schepping
Afgelopen maandag had ik de laatste meelezer op bezoek. Het was de 29-jarige partner van mijn oudste zoon. Al mijn meelezers zijn vrienden of familieleden, die bereid zijn mijn tekst van commentaar te voorzien. Dat begint met lovende woorden. Vervolgens zet men het ontleedmes diep in mijn kwetsbare schepping en legt de zieke plekken bloot. Soms gaat het om smaakkwesties: roepen zestigjarigen echt “shit” en “fuck” en zo ja, horen zulke woorden in een roman thuis? Andere verbeterpunten zijn echter onweerspreekbaar: door geschuif met scènes komt bijvoorbeeld eerst de dramatische uitvaart, dan pas het overlijden van de betrokkene. Het kortste hoofdstuk is vier pagina’s A4, het langste telt er twintig. Onevenwichtig. Daar moet ik iets aan doen.

Altijd vakantie
Het is vreemd, maar pas nu dringt tot me door dat het verwerken van de feedback een enorme klus is. Dit werk komt bovenop het tijdig zoeken naar de beste publicatiemogelijkheid. Beide vereisen creativiteit. In de journalistiek gaat creativiteit goed samen met externe tijdsdruk. Bij mijn huidige schrijverij komt de druk van mijn eigen ongeduld en dat doodt de creativiteit.
Het heeft voor mij geen zin om tijdens lange dagen achter de pc de juiste zin te zoeken of een spannende brief aan een uitgever te bedenken. Schrijven doe ik het beste onbewust, in mijn hoofd, en dan tik ik tot mijn hoofd leeg is.
“Misschien moet ik mijn leven als een vakantie beschouwen,” zei een gestreste vrouw woensdag op yoga. Als ik dat kon! Beetje planten verzorgen, stukje wandelen, allemaal in vacantiemodus zodat de geest kan broeden. Vervolgens gaan zitten en uittypen wat bij me is opgekomen. Dat duurt ook maar een uurtje of twee en dan heb ik opnieuw vrij. Het kon zo simpel zijn.    
Het reactieveld onder dit blog komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Jouw naam komt dan in het reactieveld. Je kunt me natuurlijk mailen op michiel.nooren@outlook.com

vrijdag 1 februari 2019

Over Bertram+de Leeuw, oftewel het gelijk van de nonnen

Ik ben opgevoed door katholieke nonnen, broeders en paters. Allemaal benadrukten ze dat de hemel alleen te bereiken was via een smalle, kronkelige weg. Op educatieve schoolplaten toonden ze de splitsing waar links welgestelde mannen met goed geklede vrouwen onder de welkomstpoort een brede weg op flaneerden. Rechts begaf een zwerver met knapzak zich naar een obscuur poortje. Daarachter liep een smal pad tussen een kerk en een kruisbeeld door naar het paleis van God. Aan het eind van de brede weg laaide het rokende hellevuur hoog op. Een wijze les voor een auteur die denkt dat de test op de site uitgevergezocht.nl hem comfortabel naar publicatie leidt.

Beter af met Bertram
Uit de test van
uitgevergezocht.nl (zie vorige post) kwam voor mij een advieslijstje van 16 uitgevers, alfabetisch gerangschikt. Ik googelde de bovenste, Bertram + de Leeuw Uitgevers en kwam bij de link manuscript die leidde naar een korte tekst: “Wij ontvangen graag uw manuscript per e-mail en verzoeken u tevens een synopsis en biografie bij te voegen. We proberen u zo snel mogelijk te berichten.” Dat klinkt beter dan de strenge regels van Lebovski, dat ik een week geleden per mail heb gevraagd hoeveel debuten ze jaarlijks publiceren. Een belangrijke vraag voor mijzelf en de meelezers die vele uren in mijn project hebben gestoken. Na een week is mijn vraag nog onbeantwoord. Bertrams toon is bepaald uitnodigender en het verzoek om het MS te mailen is meer van deze tijd dan Lebovski’s oekaze om de tekst op papier aan te leveren.


Death row dollies
Goede eerste indruk, dus op naar de tab Over ons: “Bertram + de Leeuw Uitgevers is een zelfstandige uitgeverij die gespecialiseerd is in commerciële non-fictie titels.” Wacht even, in de test heb ik gezegd dat het over een roman ging!
Snel naar het tabje Boeken: Het grote wildplukboek van Edwin Florés en Toffe tostis van Leonie ter Veld. Daarnaast Death row Dollies van Linda Polman, over Amerikaanse vrouwen die verliefd zijn op ter dood veroordeelden. Eén roman zit er in het fonds: Smiley. Lotte Boot vertelt daarin over een meisje dat verliefd wordt op een Mexicaanse gangster. Fictie, maar “gebaseerd op een waargebeurd verhaal”.
Origineel en relevant
Het is duidelijk dat
uitgevergezocht.nl niet rechtstreeks leidt naar de meest geschikte uitgever voor mijn roman. Zijn test levert wel een handig uitgeverslijstje op, voor verder onderzoek.
Ik heb in Te grijs de absurditeit van het bankwezen en de problematiek van de oudere werknemer realistisch beschreven. Het verhaal is op waarheid gebaseerd, zoals Bertram + de Leeuw wil. Ook eist de Haarlemse uitgever originaliteit en verkoopbaarheid. Het lijkt mij dat het daarmee wel goed zit. Bovendien wil hij “boeken die er toe doen”. Dat Te grijs ertoe doet, daarvan ben ik zeker, anders was ik nooit zover gekomen op dit schrijverstraject. Een smal, kronkelig pad was het en ik vrees dat het zo blijft. De nonnen hadden gelijk.


Het reactieveld onder dit blog komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Jouw naam komt dan in het reactieveld. Je kunt me natuurlijk mailen op michiel.nooren@outlook.com