zaterdag 23 januari 2016

Hoofdpersonen willen meer maanlicht en violen

Het creatief proces verloopt moeilijk, dus besloot ik donderdag het voorbeeld van de professionals te volgen. Werken in de kroeg, Jean Paul Sartre (De walging) deed het, Sándor Márai (Gloed) deed het en tegenwoordig doet iedereen het. Dus ik zat met mijn laptop in het café, capuccino naast me, want het was nog veel te vroeg voor drank. Op een gegeven moment kwam een stel binnen, druk in gesprek. De man was lang en slank, een intellectueel type met een glasbrilletje zoals oudere mannen dragen. Zijn trui met capuchon verried een verlangen naar verloren jeugd. De vrouw had een gemiddelde lengte, kort kapsel, rood jasje, grijze broek van leerachtige stof, laarsjes. Vooral die beetje wijde broek kwam me bekend voor.


 
Uw hoofdpersoon, aangenaam
Ik probeerde me weer te concentreren op mijn samenvatting van de feedback op Te grijs, maar werd steeds meer afgeleid omdat het tweetal voortdurend in mijn richting keek. Tenslotte zei de man iets tegen de vrouw en kwam naar me toe.
“U bent toch Michiel Nooren? U lijkt op die man uit het blog, maar uw snor maakt me onzeker.”
Ik stond op en gaf hem een hand.
“Michiel. En u bent?”
“Diederik. Ik ben uw hoofdpersoon en dat ...,” hij wenkte naar de vrouw om zich bij ons te voegen, “is mijn vrouw Claudia.”

Onwennig zwijgen
Even zaten we onwennig te zwijgen. Toen zei Claudia: “Raar eigenlijk dat u ons niet meteen herkende.”
Ik kon dat alleen maar bevestigen. Me strak aankijkend met haar blauwe ogen ging ze voort:
“Uw meelezers vinden ons na 111 pagina’s nog steeds onbestemd. Dat ik bitchy ben, dat wordt wél steeds benadrukt.”
Meteen mengde Diederik zich in het gesprek:
“Dat valt wel mee, schat. En ik ben vaak irritant met die lange, sombere verhalen...”
”Ik bén soms onaardig, “ onderbrak ze hem. ”Dus dat mag u laten staan, dat is gewoon zo. Maar waar Rik en ik moeite mee hebben is de beschrijving van ons huwelijk.”
Tot mijn verbazing begon ze te blozen.
“We missen de romantiek,” kwam Diederik haar te hulp. “Want die is er wel. Daarom blijven we bij elkaar.”

Zoiets als met Iris
Ze keken me vragend aan, hand in hand, verlegen met hun intieme verzoek en ik hield van ze, ook al kende ik ze nog niet zo goed.
“Meer scènes met maanlicht en violen. Meer huwelijksgeluk. Dat moet kunnen. In principe kan ik jullie alles geven wat je hartje begeert. Topbanen, rijkdom, roem.”
Tegelijkertijd knikten ze nee, dat hadden ze allemaal niet nodig.
“Ik heb wel een suggestie,” zei Claudia en bloosde opnieuw. ”Zo’n bedscène als met Iris, dat zou ik leuk vinden.”
“En ik ook,” viel Diederik haar bij. “Liever niet in datzelfde congrescentrum, natuurlijk.”
“Maak je geen zorgen,” zei ik. “Ik bedenk wel een prachtige plek.”
Opgelucht stonden ze op om afscheid te nemen.
“Mag ik u kussen?” vroeg Claudia.
“Zeker,” zei ik. “En je mag me ook tutoyeren.”
En eindelijk begon ik een beetje van haar te houden.
  
Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Probleem met plaatsing? Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL:
www.mn.nl. Alleen je naam komt in het reactieveld. Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen.

 

 

vrijdag 15 januari 2016

Broeden op Bonita Avenue en The old man and the sea


Net als in mei denk ik vaak aan mijn vader. Toen was ik aan het broeden op het concept van Te grijs dat ik wilde schrijven. Nu probeer ik me een beeld  te vormen van de TegrijsDEF, het echte boek. Mijn vader broedde vooral als hij iets moest repareren. Peinzend, zonder haast, liep hij rond met bijvoorbeeld een kraantje in de ene hand en een stuk binnenband in de andere.
“Het kraanleertje is versleten en nu zoek ik iets zoals dit, maar dan dikker.”
Vervolgens bestudeerde hij een stukje leer en hield daarna een stuk vlakgom tegen de onderkant van het kraantje, dat hij af en toe denkbeeldig open en dicht draaide. Hij vond altijd een oplossing. Het is dat zijn ogen slecht zijn, anders liep hij in het bejaardenhuis nog steeds zo rond, broedend.



Brokkelig en ijl
Wat ik precies zoek, weet ik niet. Duidelijk is wel dat het manuscript brokkelig is en ijl. Ik heb scènes nodig die de personages een duidelijkere vorm geven. Verder moet ik het verhaal structureren, zoals een lied met melodie en ritme, met regels, coupletten, met een begin en eind. Het is moeilijk, maar anderen hebben het eerder gedaan. Met mijn manuscript in mijn hoofd loop ik dus speurend langs mijn boekenkast.
Een man, een jongen en een vis
Ik pak een dun boekje, The old man and the sea van Ernest Hemmingway. Ik ken geen Spartaanser verhaal dan dit. Hemmingway vertelt ons dat de oude visser Santiago heet, maar spreekt verder over the old man. Zijn jonge vriend is the boy, net zoals de enorme zwaardvis the fish is. De zee meegerekend zijn er maar vier personages. De structuur is strict chronologisch. De eerste woorden zijn een droge mededeling: he was an old man and he fished alone.


Over Aaron, Joni en vele anderen
Op een plank ernaast zie ik het tegendeel van Hemmingways boekje, het lijvige Bonita Avenue van Peter Buwalda. De titel geeft al aan dat het verhaal een stortvloed is van namen van personen en plaatsen. De eerste zin bevat er al twee: Toen Aaron (…) door Joni Sigerius werd meegetroond… Geen eenzame boottocht voor Buwalda. Hij tuigt een bonte karavaan op en voert zijn lezers mee. Heel veel lezers: ik heb zelf de 27-ste druk. 

Bijna luie fase
Meesterwerken zijn intimiderend, maar ze wijzen me op mogelijkheden die ik kan benutten op mijn eigen niveau. Het kiezen van een bepaalde aanpak voor Te grijs is zoals gezegd een tastend proces. Ik zoek op het moment een soort Bonita avenue, maar met meer The old man and the sea. Dit broeden is een prettige fase als je het zonder haast doet. Ik volg daarin het voorbeeld aan mijn vader, die altijd een oplossing vond.  
Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Probleem met plaatsing? Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Alleen je naam komt in het reactieveld. Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen.

 

zondag 10 januari 2016

Meelezers melden houten klazen en nog veel meer

Voordat ik het concept van Te grijs rondstuurde, blogde ik dapper: de meelezers zullen zeker nog veel tekstuele en structurele onvolkomenheden melden. Daar ben ik niet bang voor. Ik heb inderdaad onbezorgd de boom opgetuigd, eend gebraden, Kerstliedjes gespeeld en andere prettige dingen gedaan die bij de feestmaand horen. Nu de eerste drie commentaren van de meelezers voor me liggen, is mijn stemming tobberiger.
  

Sex sells
Een van de vragen aan de meelezers is, welke scène zij zich spontaan herinneren. De twee mannelijke respondenten noemen allebei  de enige expliciete bedscène. Daarin wordt hoofdpersoon Diederik verleid door zijn veel jongere collega Iris, ik citeerde eruit in het blog van 31 oktober Deadline gehaald. De derde, vrouwelijke meelezer zwijgt over deze scène, maar noemt Iris ondanks deze echtbreuk wel sympathiek.

 

Lachend geschreven
Dit resultaat verbaast me. Bij een gesprek van Diederik en echtgenote Claudia op het zwarte strandje onder de steile klippen van La Gomera moest ik iets wegslikken toen Diederik zei dat leven niet zijn hobby was. Met tranen in de ogen beschreef ik een bezoek van Diederik aan een vriend die totaal gedesoriënteerd is door zijn chemotherapie. Het was niet eenvoudig om die stukken te schrijven, maar het moest. De bedscène en de dromen zette ik lachend in een paar uur op papier. Kennelijk stralen ze dat uit.
Het klazen-probleem
Bij het versturen van het concept voelde ik wel waar de grote klap kon vallen. Mijn grootste zorg is dat mijn personages voor de lezer houten klazen blijven. Bij Diederik valt de houterigheid mee, maar door de verkeerde oorzaak: de meelezers herkennen mijzelf in deze wat sombere man. Iris komt enigszins over het voetlicht, maar wordt wel onwaarschijnlijk genoemd. Over Claudia zou iedereen meer willen weten, ze is nu vaag. Ik verwacht niet dat het oordeel van de andere meelezers veel anders is. Wat de personages betreft ligt het grote werk nog voor me.

Minder geschikt voor ouderen
De meelezers vinden allemaal dat het verhaal te rudimentair is, ik moet veel meer toelichten. Er is gelukkig hoop, want de laatste 30 pagina’s zijn geweldig. Nu de rest nog. Ik had ook gevraagd of de meelezers het boek cadeau zouden geven aan een 60-jarige. Eén antwoord sprong eruit, namelijk nee, wel aan een jonge vent. Ik heb concept meteen toegestuurd aan een student in Wageningen. Kijken wat hij er van vindt.

Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Probleem met plaatsing? Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Alleen je naam komt in het reactieveld. Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen.

 


 
 

 

zondag 29 november 2015

Concept van Te grijs klaar voor verzending

Net als nu was het weer herfstachtig en onstuimig op maandag 1 juni 2015, toen ik dapper aankondigde dat ik een tweede roman ging schrijven. Het weerbeeld paste goed bij het heftige verhaal van Te grijs, waarvan nu, vijf maanden later, het concept voor me ligt. Het zijn ruim 55.335 woorden ofwel 111 A4-tjes, die ik de zeer gewaardeerde meelezers kan toesturen. Kwantitatief is de planning dus ruim gehaald. Het oordeel over de kwaliteit van het geheel krijg ik eind van de maand. In het nieuwe jaar begin ik dan gelouterd door de feedback aan de Def-versie die ik optimistisch voor eind september 2016 heb gepland.


Geen Alleingang
Een schrijvende vriend, Thomas Lindblad, verbaast zich er over dat ik zo graag feedback op het verhaal wil hebben. Wordt het geen Poolse Landdag? Raak ik het spoor niet bijster met al die meningen? Volgens mij is het tegendeel het geval. De feedback behoedt me voor een creatieve Alleingang waarbij ik me steeds meer verwijder van mijn potentiële publiek.
Bij de eerste kritiekronde bleek al dat ik de lezers essentiële informatie onthield, omdat die volgens mij voor zίch sprak. Mede hierdoor was het huwelijk van hoofdpersoon Diederik ongeloofwaardig en zijn werksituatie onduidelijk. Verder lag het tempo van het verhaal te hoog en bleef duister wat er in het hoofd van Diederik&Co omging. Ik ben blij dat ik in een vroeg stadium op deze ernstige gebreken ben gewezen. Hopelijk heb ik de toen gesignaleerde problemen opgelost. Komende maand zal dat blijken.


 Met Diederik in gesprek
De meelezers zullen zeker nog veel tekstuele en structurele onvolkomenheden melden. Daar ben ik niet bang voor. Mijn grootste zorg is dat mijn personages voor de lezer houten klazen blijven in plaats van mensen van vlees en bloed. Ik vraag de meelezers dan ook expliciet: kun je je voorstellen dat je Diederik ergens tegenkomt en waar zou dat kunnen zijn?  Als hij vraagt wat je van hem vindt, wat zou je dan antwoorden? De lezer mag mijn hoofdpersoon een autist vinden, een eikel of een sukkel. Maakt niet uit, als hij of zij de zestiger Diederik maar voor zich ziet.

Tot volgend jaar
Mijn belangrijkste taak in december is om afstand te nemen. Weg met het vaste productieritme van de dagelijkse 500 woorden en het wekelijkse blog over de voortgang. In plaats daarvan gewoon doen wat in me opkomt: de keukenvloer schrobben, een nieuw biertje brouwen, een trip maken naar Berlijn. En verder vooral tevreden zijn dat het schrijfwerk voor 2015 gedaan is.
Ik dank iedereen die me geholpen heeft met de tekst en alle lezers van mijn blog die hebben meegeleefd met dit avontuur. De meelezers wens ik sterkte en plezier met het verhaal. In 2016, op zaterdag 9 januari, meld ik me weer. Dan begint de noeste arbeid. 
Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Probleem met plaatsing? Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Alleen je naam komt in het reactieveld. Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen.    



 

zaterdag 21 november 2015

Inspectie cast roept twijfel op aan nut van schoonmoeder

Bij de afsluiting van Te grijs 1.0 heb ik de cast nog eens kritisch bekeken. Ik streef naar een verhaal met een beperkt groepje personages, elk met één naam, zodat mijn toekomstige lezers gemakkelijk over hen kunnen praten.  “Als ik Claudia was, zou ik ook weggaan bij die Sombermans van een Diederik.” Verder zou ik hopen dat mijn personages voor de lezer zo herkenbaar zijn, dat hij ze in zijn dagelijkse omgeving tegenkomt.  Mijn nieuwe collega is een soort Iris. Een heel lange vrouw en die er met haar luide stem alles uitflapt. Ze leek op Claudia uit het boek, je kon zien dat ze heel mooi geweest was.”  Als lezers zo over mijn personages zouden praten, heb ik goed werk geleverd.
 
 
 

Overbevolkte romans
Het is zeker niet zo dat het succes van een boek afhangt van de laagdrempeligheid van de cast. Tolstojs epos over Napoleons inval in Rusland, Oorlog en vrede, heeft zeker tien belangrijke personages die naar goed Russisch gebruik op drie of vier wijzen worden aangeduid. Een nog sterker staaltje van literaire overbevolking is het ook verfilmde Wolf Hall van Hillary Mantel. Zij voert in het boek zoveel hovelingen van Hendrik VIII op dat ze een verklarende namenlijst van vier pagina’s toe moet voegen plus twee pagina’s genealogische verheldering.  Aan de andere kant van het spectrum zit Steinbeck met The Pearl. De man die de reuzenparel vindt en zijn vrouw opereren in een naamloze omgeving. Nog Spartaanse is Hemmingway in The Old man ad te seal. De oude man is bevriend met een jongen die hem af en toe eten brengt. Die twee en een zwaardvis vormen de hele cast. De hoofdpersonen zijn bovendien naamloos. Voor deze geniale soberheid kreeg hij de Pulitzerprijs. Mantel zag haar exuberantie beloond met de Bookerprijs.

 

Twijfel over schoonmoeder
In de schaduw van de genieën heb ik als simpele krabbelaar gekozen voor soberheid. Ik voer een echtpaar op en eveneens onder naam drie vrienden en twee collega’s. Verder zijn er anonieme figuranten. Ik heb één twijfelgeval: Diederiks schoonmoeder, ooit zangeres en advocaat. Diederik gaat met haar lunchen. Zij weet dat er spanningen zijn in het huwelijk. Vervolgens legt ze haar mes neer en reikt naar zijn hand. “Het is nu allemaal zwaarder vanwege je leeftijd, op het werk wordt het moeilijker om mee te komen en lichamelijk loopt het natuurlijk niet meer zo gemakkelijk.” Heeft Claudia haar verteld over zijn teleurstellende prestaties in bed? Ze knijpt in zijn hand, ze kent hem, ze houdt van hem. “Als je het geluk niet bij elkaar vindt, dan vind je het nergens. Je schoonvader en ik hebben veel gemist, omdat we te ambitieus waren en te hard voor onszelf en voor elkaar. Jullie hebben meer ruimte voor de liefde, gebruik die.” Hij knijpt nu in haar hand. “Ik houd echt van Claudia, ik doe mijn best.” “Ik weet het, jullie doen het beter dan wij. Zullen we een klein toetje nemen met een likeurtje?”


Leuke vrouw, mooi huis ook
Deze naamloze schoonmoeder komt maar in één scene voor. Wat ze zegt is niet schokkend, maar ze is zo aardig. Bovendien woont ze geweldig leuk, ik heb het huis met plezier beschreven. Toch vrees ik dat deze darling gekilled moet worden. Doe ik het niet zelf, dan spreken de meelezers het vonnis wel uit. Ik zal haar missen.


Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Probleem met plaatsing? Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Alleen je naam komt in het reactieveld. Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen.      

 

zaterdag 14 november 2015

Je wilt over Parijs schrijven, maar heeft het zin?

Nadat ik van de eerste verbijstering over het Franse nieuws was bekomen, dacht ik direct: dat moet in het boek. Er heeft een bloedbad plaatsgevonden in een normale Westeuropese stad, op 500 kilometer van het huis van Diederik en Claudia. Na deze terroristische aanslagen zal hun wereldbeeld voorgoed veranderd zijn. Ongetwijfeld komt deze opwelling voort uit dadendrang: de gruwelen in Parijs schreeuwen om actie en mijn actie is erover schrijven.


Relationeel gekibbel
Ik zie ze voor me, Diederik en Claudia zitten op de bank, hij leest een boek, zij is bezig met de tablet en ziet het nieuws: “Zeg Rik, er is een aanslag in Parijs en een gijzeling. Veel doden. Waarschijnlijk het werk van IS.”
Samen bekijken ze het bericht, zetten de televisie aan, zijn geschokt. Dan zegt Diederik: “Wij doen natuurlijk een beetje hetzelfde bij hen. Wij gooien bommen op de IS-strijders en mensen die daar toevallig in de buurt zijn. Ik las laatst hoe zo’n bom werkt…”
Maar dat wil Claudia niet horen en ze vindt zijn opmerking over het bombarderen relativerend en rationeel. “Dat is altijd het probleem met jou, Diederik, je volgt mijn emoties niet.”
En zo worden de verschrikkingen in Parijs teruggebracht tot relationeel gekibbel.

Nee, dat was daarvoor
Vandaag zullen Diederik en Claudia het nieuws intensief volgen, maar voornamelijk doen wat ze altijd doen: werken, kibbelen, het weer goed maken. Voor het verhaal van Te grijs zijn de aanslagen niet relevant. Over een jaar, als het boek af is, zal ons echtpaar al bijna vergeten zijn wat er in Parijs is gebeurd.
“Parijs, Claudia, was dat nou met die bommen in die trein?”
“Nee, dat was Madrid.”
“Oh ja, Parijs was met die linkse cartoonisten.”
“Nee, dat bloedbad, dat kwam daarna, dat was veel erger.”
Dan zal het nieuws bij hen terugkomen, vooral de theaterzaal vol lijken. Ik hoop dat ze dan niet gaan kibbelen over wat erger was.

Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Probleem met plaatsing? Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Alleen je naam komt in het reactieveld. Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen.    
   


 

zaterdag 7 november 2015

Boekenvloed blijft stromen, ondanks financiële ontmoediging

Vorige maand schreef ik een blog met de titel: Een boek schrijven? Je moet wel gek zijn. Hoe gek besefte ik toen ik de site bezocht van de Koninklijke Vereniging van het Boekenvak (KVB). Het Nederlandse lezerspubliek kon in 2014 kiezen uit een verbijsterende 60.000 nieuwe fictie- en nonfictie-titels, waarvan 16.000 in de eigen taal. De KVB telt daarbij alleen commerciële uitgaves, waarvan er in de loop van het verslagjaar minstens één exemplaar is verkocht. De uitgaves in eigen beheer van de vele schrijf- en dichtclubs tellen dus niet mee. Met dit gigantische aanbod blijven de meeste boeken onopgemerkt. Bij een gemiddeld aanbod van 44 Nederlandstalige boeken per dag zal Te grijs één boek extra zijn in een hoge stapel.



Magere royalties
De auteur die van zijn royalties met zijn partner uit eten kan gaan, is een spekkoper. De totale omzet aan algemene boeken - exclusief schoolboeken en wetenschappelijke werken - was in 2014 485 miljoen euro. Stel dat auteurs gemiddeld 10% daarvan als royalties krijgen, dus 48,5 miljoen euro. Als dit allemaal naar de 60.000 nieuwe titels ging, kwam dit uit op gemiddeld 800 euro per titel. Omdat bestsellers veel meer uit de royaltiespot krijgen, blijft er nog minder over voor de andere titels.

Toch optimistisch
Laten we ons nu beperken tot wat ons echt interesseert: de romans. De KVB zegt dat er vorig jaar voor 184 miljoen euro aan fictie is verkocht, 38% van de totale boekenverkoop. Als dit percentage ook geldt voor het aantal nieuwe titels komen we op ruim 6000 fictieboeken per jaar ofwel 16 per dag. Om een kans te hebben op aandacht moet je roman dus geniaal zijn of over een geschikt onderwerp gaan. Ik zet in op het laatste. Ik weet niet hoeveel belangstelling er is voor de confrontatie van een zestigjarige met het ouder worden, maar er is niet veel over geschreven. Ik ben optimistisch. Dat etentje bij de wokchinees, dat zit er best in.

Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Probleem met plaatsing? Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Alleen je naam komt in het reactieveld. Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen.    

zaterdag 31 oktober 2015

Deadline gehaald, dankzij onverwachte verleidingsscène

De eerste deadline is gehaald: ik heb nu 51.514 woorden. De planning was om eind dit jaar een concept van 50.000 woorden klaar te hebben, dus ik kan het manuscript nu ontspannen klaar maken voor de peer review. Geen regelnood meer, geen angst voor schrijfkramp, gewoon tekst bekijken en redigeren. De meelezers hadden een nieuwe aflevering verwacht, maar krijgen nu het hele verhaal. In klad wel te verstaan.
Na gedane arbeid neem ik in december een pauze waarin ik van alles ga doen behalve werken aan Te grijs. In het nieuwe jaar schrijf ik op basis van de feedback ontbrekende scenes en verbindende teksten en vorm hoofdstukken. Volgens de planning zal ik dat proces in september volgend jaar afronden. Dan komt de derde fase: het zoeken van een uitgever.




Stimulerende nieuwsgierigheid
Aan het begin van de week was ik bang dat ik de laatste woorden bijeen zou moeten sprokkelen tijdens lange wandelingen en stressvolle schrijfsessies. Tot mijn verbazing ging het heel snel, dankzij mijn nieuwsgierigheid naar het verloop van het verhaal. Het was duidelijk dat Diederik en Iris het goed kunnen vinden, maar zou er nog iets moois tussen hen opbloeien? Het leeftijdsverschil is groot en Iris is druk bezet. Aangezien Diederik niet het risico wil lopen dat zijn viriliteit hem in de steek laat, moet het initiatief van haar komen. Gelukkig hebben ze bij een afdelingsuitje kamers naast elkaar. Iris komt ’s avonds laat bij Diederik tandpasta lenen en verleidt hem. Dat loopt allemaal soepel en ook het naspel is bevredigend.
Tandpasta lenen
Ze dutten even, moeten dan beiden naar de wc. Iris gaat eerst en als Diederik terugkomt, slaat ze uitnodigend de deken aan zijn kant op en lacht hem tevreden toe.
“Dat vreemd gaan, dat is zo gek nog niet.”
Ze kroelen wat, maar Diederiks krachten zijn uitgeput. Hij controleert of de wekker goed staat en stelt vast dat het hoog tijd is om nog een paar uur te slapen. Automatisch gaan ze lepeltje- lepeltje liggen, het is duidelijk dat Iris dat thuis ook doet. Ze ontwaken als een getrouwd stel, wisselen informatie uit over de nacht.
“Hoorde jij die auto die in het holst van de nacht wegreed? Het leek wel een grote BMW.”
Diederik heeft niets gehoord en zijn oren kunnen nog geen Fiat 500 van een Maserati onderscheiden.
“Nee, ik werd alleen even wakker omdat ik dacht dat er een mug zat, zo’n overwinteraar. Ik zie trouwens dat jij gestoken ben. Hier, op je schouder.”
Hij maakt zijn vinger nat in het glas met het restje rum en wrijft over het bultje.
“Dat helpt tegen de jeuk.”
Het is of ze al jaren samen zijn.


Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Probleem met plaatsing? Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Alleen je naam komt in het reactieveld. Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Probleem met plaatsing? Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Alleen je naam komt in het reactieveld.

 

 

 

zaterdag 24 oktober 2015

Die angst dat het allemaal gelul is

Met de teller op 47.484 woorden nadert de kladtekst haar voltooiing. De planning is 50.000 woorden op 7 november, dus ik kan nog een paar productiedagen verliezen wegens andere bezigheden of schrijfkramp en toch het target halen. Mijn methode lijkt op het spontaneous prose-experiment van Jack Kerouac, schrijver van het in 2012 verfilmde On the road. Kerouac draaide het begin van een lange rol papier in de schrijfmachine en tikte op wat hij zag en dacht, een fles wijn binnen handbereik. Ik tik ook zo’n spontane, ruwe tekst, maar dan op een laptop en met koffie naast me. De dagproductie lees ik één keer door op typo’s en dubbele woorden. Sinds kort doet mijn vrouw Angeline Jansen nog een correctie en kijkt mijn redacteur Cécile Sanders of er heel domme fouten in staan. Dankzij hun welwillende inspanning kan er een redelijk schone concepttekst naar de meelezers. Hun feedback is de basis voor de definitieve tekst die ik in september 2016 hoop te voltooien.




Wandeling over de Zuidpier
Ik denk dat niemand 100 A4-tjes kan vullen zonder af en toe te denken dat een aantal passages gelul is of in ieder geval overbodig. Soms slaat de twijfel tijdens het schrijven al toe. Deze week bijvoorbeeld vertrekt Claudia voor een relationele time-out naar een vriendin. Diederik gaat wandelen op de zuiderpier van IJmuiden. Het is mistig. Hij voelt zich afgeleefd, uitgerangeerd en nutteloos. Als hij van de kop van de pier terugloopt, begint er echter iets te kriebelen, hij wordt opstandig en schreeuwt uiteindelijk dat hij zich niet opzij laat schuiven. Hij eist een plaats in de wereld, hij eist geluk. Een mooie scène, die abrupt wordt onderbroken.
Van achter de betonblokken komt een man in een dik vissersoverall naar Diederik toe. Hij is type kleerkast, maar zijn ogen staan vriendelijk.
“Gaat het een beetje?”
Diederik zwijgt beschaamd.
“Ik hoorde u schreeuwen, dus ik dacht, krijgt die kerel nou een aanval, want mijn zwager heeft dat ook wel eens, dat hij gaat schreeuwen en zo. Hij heeft er pilletjes voor, maar die vergeet hij soms.”
Diederik kijkt hem verlegen aan.
“Dank je, het gaat al.”
De man wil teruggaan naar zijn hengel, maar aarzelt, hij heeft waarschijnlijk wat van Diederiks woorden opgevangen.
“U riep iets over eisen. Bent u misschien van de bond? Ik heb namelijk een probleem op mijn werk.”
Dan klinkt er een belletje, de visser raakt vlug nog Diederiks schouder aan en haast zich naar zijn tuig.
“De gul is onder de kust,” roept hij over zijn schouder. “Daar moet je vlug bij zijn.”

Vervolgens wandelt Diederik verder. Nu ik de passage herlees, vind ik hem authentiek, maar wat de functie is, zou ik niet kunnen zeggen.
Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Probleem met plaatsing? Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Alleen je naam komt in het reactieveld. Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Probleem met plaatsing? Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Alleen je naam komt in het reactieveld.

 

 

 

 

zondag 18 oktober 2015

Een boek schrijven? Je moet wel gek zijn

Een boek maken is eigenlijk een volslagen idioot project. Het is als het bouwen van een huis zonder bouwtekening. De kansen op commercieel en literair succes zijn klein. Dat schrijft Annejet van der Zijl (Sonny boy, Alfred Heineken) in het Historisch Nieuwsblad van september. Misschien goed nieuws voor de bloglezers die al jaren met een boek in hun hoofd rondlopen maar dat steeds maar niet op papier krijgen. Omdat het brouwen van bier of het snoeien van de rozen voorging. Met goede reden, want nu hebben ze bier in de pul en bloemen in de vaas. Schrijven had alleen een manuscript opgeleverd dat hoogstwaarschijnlijk na een tocht langs de uitgevers in een la zou belanden. Slechts één op de duizend manuscripten wordt een succes, misschien nog minder.

 

Hoop op DWDD
Door een merkwaardig toeval zal juist ons verhaal de uitzondering op de regel zijn. Te grijs bijvoorbeeld is het boek dat ik zelf op mijn 60-ste verjaardag had willen krijgen. Achter die bescheiden formulering zit natuurlijk de hoop dat de duizenden Nederlanders die jaarlijks 60 worden dezelfde wens hebben en mijn boek kopen. Lovende kritieken, rijkdom en zelfs een optreden in DWDD liggen in het verschiet. Maarnietheus.
Zal ik op een gegeven moment spijt krijgen dat ik niet ben gaan brouwen of snoeien? Annejet geeft een welkom sprankje hoop. In haar visie is het niet het resultaat dat telt, maar het proces. “Schrijf uit nieuwsgierigheid, schrijf uit zucht naar avontuur – gewoon om te kijken hoe het afloopt,” met die zin besluit ze haar artikel. En dat is inderdaad het fascinerende van schrijven. Je zet je laptop aan, opent je verhaaldocument  en laat iemand uit de bus stappen. Waar die vervolgens heen gaat, hoop je in de loop van de komende uren te ontdekken.

Bebloed laken
De ontdekkingsreis blijft spannend, want soms loop je vast. Het volgende fragment uit In de schaduw van de Wolkenkrabber laat dat zien. De copywriter Marjan de Vries heeft besloten een thriller te schrijven.
”Bloed druppelde traag op het witte laken,” tikte ze en herlas deze veelbelovende aanzet met tevredenheid. En wiens bloed was het?
“…uit de wonden van de blonde schoonheid,” voegde ze na een korte denkpauze toe. En de dader?
Ze schonk een glas rosé in. Het was weliswaar nog ochtend, maar nood breekt wet. Bij het derde glas was ze echter  nog niets opgeschoten.
Die dader is natuurlijk verdwenen, dacht ze ontmoedigd. Waar was hij heen gegaan. Naar huis? Het leek logisch, maar klonk weinig spannend.
   

Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Probleem met plaatsing? Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Alleen je naam komt in het reactieveld. Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Probleem met plaatsing? Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Alleen je naam komt in het reactieveld.

 

 

 

zaterdag 10 oktober 2015

Moet dat nou, dat grapje over een blote man?

Zoals zoveel kinderen wilde ik schrijver worden. Ik had ook een voorbeeld. Dat was niet de geniale, maar zurige Willem Frederik Hermans of de al even knappe, maar bewust onsmakelijke Jan Wolkers. Nee, het was de op papier altijd vrolijke Godfried Bomans, schepper van Pieter Bas, Pa Pinkelman en de detective Bill Clifford. Anders dan Hermans en Wolkers is Bomans vergeten.



Beetje lichtheid
Ondanks het droeve lot van Bomans, wil ik toch in mijn boek een beetje lichtheid. Een van de scènes die ik deze week (productie 1500 woorden) schreef, bevat dan ook een grappig detail, waar ik wel tevreden over was. Iemand die het toevallig las vond het echter niks. Michiel, een blote man die een boek voor zijn kruis houdt, moet dat nou, wil je echt zo nodig leuk doen? Ik begon te twijfelen. Misschien was het oubollig. Oordeel zelf:

Vroeg telefoontje
De volgende ochtend wordt Diederik hondsvroeg gewekt door een geluid dat hij na een tijdje herkent als zijn nieuwe werktelefoon, hij kan moeilijk aan de ringtone wennen. Het toestel ligt in de woonkeuken, waarvan de ramen geen vitrage hebben en hij is ongekleed, heeft zelfs een kleine erectie voor de verandering. Geen tijd om iets aan te trekken! Hij pakt het boek naast zijn bed en houdt dat voor zich terwijl hij naar de telefoon rent, die intussen stil is gevallen. Het boek achter zich houdend, loopt hij weer naar de slaapkamer en belt terug. Het is Iris.”
Diederik trekt na het gesprek met zijn collega een ochtendjas aan, stuurt een mailtje, legt zijn telefoon weer aan de voeding in de keuken en gaat nog even naar bed. Om een half uur later opnieuw te moeten opstaan voor de telefoon.

Functioneel grappig
Deze zinnen teruglezend, verdwijnt mijn twijfel. Natuurlijk is de scène een beetje plat, maar dat is ook de essentie. Diederik kon in zijn vorige functie buiten kantooruren ongestoord leven in een waardig tempo, passend bij zijn leeftijd. Op zijn nieuwe afdeling moet hij net als iedereen continu bereikbaar zijn en klaar staan op de gekste tijden. Hij moet zijn gewoontes daarbij aanpassen, maar dat kwartje valt niet snel bij deze voor mij heel herkenbare 60-jarige. En dus staat hij voor lul. Grappig? Niet voor Diederik.

Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Probleem met plaatsing? Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Alleen je naam komt in het reactieveld. Het reactieveld komt tevoorschijn als je klikt op Opmerkingen. Probleem met plaatsing? Klik de klaplijst achter Reageer als open en klik op Naam/URL. Voer je naam in en als URL: www.mn.nl. Alleen je naam komt in het reactieveld.